SIEGFRIED SASSOON OVER DE MENENPOORT

English translation

Uit "De troost van de schoonheid" van Piet en Wim Chielens (1996 / blz. 9-10)

(...) Ik herinner mij niet wat ik toen zei, alleen weet ik dat ik koortsachtig zocht naar de woorden van het gedicht "On Passing the New Menin Gate". Want precies zo moest Siegfried Sassoon zich gevoeld hebben toen hij tussen de menigte stond op 24 juli 1927, de dag waarop de (Menen)Poort werd ingewijd. "Is er dan niemand van de duizenden aanwezigen hier die 'schande' wil roepen?". Nog geen dag later werd dat:

"Bij het passeren van de nieuwe Menenpoort"

Wie zal, voorbijgaand aan deze Poort, denken aan
De onheroïsche Doden die de kanonnen voedden?
Wie zal de laagheid van hun lot vergeven -
Van deze verdoemde, dienstplichtige niet-winnaars?

Brutaal herbouwd houdt dit saillant nu zelve in stand -
Voormalig voorpost, onder vuur van elke kant.
Zijn schimmige beschermers zijn met praal betaald;
Betaald, met een stapel stenen zelfvoldaan van vrede,
Soldij voor wie verrot is in verzopen land.

Dit was 's werelds lelijkste wonde. En hier beweert nu
De Poort vol trots: "Hun naam zal eeuwig leven".
Werd ooit een offer zo belogen
Als deze ondraaglijk naamloze namen?
Misschien kunnen de Doden die zwoegden in het slijm,
Verrijzen en spotten met dit misdadig schrijn.

Siegfried Sassoon (1886-1967)

Sassoon schreef een eerste versie van zijn gedicht over de Menenpoort (deze "stapel stenen zelfvoldaan van vrede") op 25 juli 1927 in zijn hotelkamer in Brussel, en werkte het enkele maanden later af in Londen.

Ik geloof niet dat het tijdens zijn leven al verscheen in een belangrijke bundel of publikatie. Sassoon was en bleef alleen met zijn protest, alleen met zijn woede. (...)

Piet Chielens

Lees ook volgende artikels over de verheerlijking van oorlog in Ieper:

*) Oorlogsverheerlijking in Ieper
*) Menenpoort bullshit
*) Bedenkingen vanop Hill 62